Het Aanhoudende Protectie Syndroom (APS): als je systeem in de beschermstand blijft hangen
Een hoge spierspanning, een gejaagd gevoel, moeite met concentreren, steeds moe zijn, nergens zin in hebben, somberheid, schommelende bloedsuikerspiegel, hoge bloeddruk, hyperventilatie, druk op de borst, hartkloppingen, steeds terugkerende blessures of ontstekingen, onrustige darmen, relatieproblemen, angst… Op zichzelf lijken het losse verhalen – maar vaak zijn het verschillende gezichten van hetzelfde onderliggende patroon: een systeem dat blijft hangen in de beschermstand.
Zo’n verzameling klachten noemen we een syndroom: meerdere signalen die samen wijzen op één kernprobleem. In plaats van elk symptoom apart te “repareren”, helpt het om het geheel te zien en te zoeken naar wat het lichaam probeert duidelijk te maken. Dat vraagt luisteren – echt luisteren – naar het verhaal van iemand: gebeurtenissen, belasting, overtuigingen, lichaamssignalen. Daarin zitten de aanwijzingen richting evenwicht.
In deze blog noem ik dat patroon het Aanhoudende Protectie Syndroom (APS) en kijk ik vooral door de mentaal‑emotionele bril: hoe je innerlijke beschermmechanismen werken, wat verzet daarmee te maken heeft en hoe je stap voor stap weer kunt terugkeren rond het midden.
Bescherming is gezond – maar niet de hele dag
Bescherming op zich is geen probleem.
Als je moet vluchten uit een brandend huis, uitwijkt voor een auto, of moet omgaan met een “blaffende” baas of collega, is het heel logisch dat je spieren zich aanspannen, je hart sneller gaat kloppen en je ademhaling omhoog schiet. Dat is precies waar je zenuwstelsel voor is gemaakt: in principe leven, en alleen bij uitzondering kortdurend overleven – om daarna weer terug te keren naar ontspanning, herstel en groei.
Spanning in je lijf na een val of een heftige emotie is een natuurlijke reactie. Als we die reactie laten gebeuren, “valt” het systeem vanzelf terug naar ontspanning. Het heeft dan de kans gehad om iets uit te werken en af te ronden.
Waar gaat het mis? Verzet
Het probleem ontstaat wanneer er verzet komt tegen wat we voelen.
Verzet tegen pijn, tegen verdriet, tegen angst, tegen alles wat “niet gewenst” is of waarvan we bang zijn dat het niet past of niet mag in de groep. Wanneer we horen dat iets “niet normaal” is en dat we het moeten fixen, gaan we duwen, onderdrukken, wegdrukken. Zo raken we vervreemd van onze natuurlijke reacties – en uiteindelijk van onszelf.
De vraag is dan: hoe komen we weer in lijn met onszelf?
Hoe voelen we ons weer veilig en vertrouwd van binnen? Hoe worden we ons bewust van wat er speelt, en durven we dat toe te laten – want eigenlijk is dát normaal en het verzet de afwijking.
De sleutel ligt binnenin
De oplossing zit niet in het eindeloos oplossen van situaties buiten ons (de blessure, onze baas, de relatie), maar in het bewust worden van het verzet van binnen.
Door op te merken wat je voelt, het te erkennen en erbij te blijven, kan spanning zich “oplossen”, zoals suiker in water. Als het verzet wegvalt, ontstaat er vanzelf ruimte, ontspanning en herstel – terugkeren rond het midden. En zelfs vernieuwing of transformatie.
Bij ongemak (acuut of langdurig) kun je jezelf vragen:
- Laat ik dit gevoel toe, of verzet ik me ertegen?
- Kan ik ermee zijn, of wil ik het direct wegmaken?
- Ga ik er hard of zacht mee om?
- Houd ik het dichtgedrukt, of mag het zich openen?
- Welke overtuigingen maken dat ik dit zo doe?
Onze cultuur van gemak
We leven in een cultuur die gericht is op gemak.
Ongemak vinden we al snel een foutmelding: het moet weg, het moet opgelost. “Denk aan iets anders, doe toch gewoon positief, ik heb geen zin in dat negatieve gedoe, ik moet het trainen om het sterker te maken, ik moet leren meer nee te zeggen.” Begrijpelijk, maar op de lange termijn pijnlijk. Want iedereen kent wel iemand met pijn, beperkingen of langdurig ongemak – of ervaart het zelf. Omdat de weg naar binnen – ook voor omstanders – vaak de olifant in de kamer blijft, raken steeds meer mensen verstrikt in aanhoudende beperkingen en pijn.
Onze gevoelswereld is geen zwart-witplaatje van “blij” of “depressief”. Het is een regenboog met eindeloos veel tinten.
Als we alleen “groen” (de gezellige, prettige gevoelens) toelaten en de rest onderdrukken, kost dat continu kracht. Zeker als het al vaker is weggeduwd. Dan kan het systeem niet meer ontladen. Alsof je een ballon vol lucht hebt en de tuit krampachtig dichtknijpt.
In zo’n cultuur wordt soms gezegd dat het “veilig” is, terwijl de helft van de regenboog buiten moet blijven. Sturen op gedrag – “doe maar normaal, wees positief” – werkt dan niet echt. Als we een omgeving willen waarin mensen echt zichzelf kunnen zijn en opbloeien, moeten we met elkaar ook ruimte maken voor de “shit”: erkennen, beluisteren en benoemen. Dat is niet sexy, maar wel nodig. Wanneer we het woord vitaliteit in de mond nemen, gaat het niet meer over volhouden of uithouden, maar zeg je dat je de hele regenboog wilt – de hele vitale mens.
Wat doet verzet met je zelfherstellend vermogen?
Ons lichaam wil van nature heen en weer bewegen tussen inspanning en herstel.
Als je naar de bus rent, gaat je adem en bloeddruk omhoog. Als je zit, horen ze weer te dalen. Blijven je ademhaling, bloeddruk, spierspanning en bloedsuikerspiegel langdurig hoog of instabiel, dan is dat niet goed verenigbaar met leven op de lange termijn. Het systeem gaat dan harder aan de bel trekken – met klachten. Dat is een schreeuw om terug naar het evenwicht te willen komen.
De reflex is vaak: nog meer doen, nog meer trainen, nog meer discipline, nog meer meten. Dat houdt de druk op het systeem. Wat er nodig is, is het omgekeerde: bewustzijn, verzachten, toelaten, openen. Eerst terugkomen rond het midden, zodat de natuurlijke golfbeweging (zoals bij in- en uitademen) weer kan ontstaan.
Twee soorten spanning: nu‑spanning en geladen spanning
Gespannen spieren na een sportwedstrijd, nervositeit voor een gesprek of een presentatie: dat noem ik nu‑spanning. Het is er op dit moment en zakt vanzelf weer weg als de situatie voorbij is.
Spanning die er niet mag zijn, drukken we weg. Onder het kleed. Het stapelt zich op en komt letterlijk onder druk te staan, omdat het niet naar buiten mag bewegen. Dat noem ik geladen spanning.
Reguleren van spanning naar ontspanning gebeurt alleen in het nu. Met aandacht en aanwezigheid kan wat in het bewustzijn is, zich ontladen en oplossen. Geladen spanning moet dus eerst bewuste nu‑spanning worden, zodat het zich weer uit kan bewegen – zoals lucht die langzaam uit de te volle ballon mag ontsnappen.
Vraag jezelf eens af:
- Wat leeft er nú in mij?
- Wat mag er niet/nooit zijn?
- Welke situatie, boosheid, verdriet of angst keur ik af of wil ik niet laten zien?
- Welk terugkerend thema herken ik hierin?
Wat kun jij doen?
- Erken je gevoel. Noem het bij naam, zonder oordeel.
- Merk jouw verzet op. Waar duw je, wat wil je niet voelen?
- Geef het ruimte. Blijf aandachtig. Adem erbij, voel waar het in je lijf zit, zo kan geladen spanning zich omzetten naar nu-spanning en lost het zich zelf op.
Zo binnen zo buiten
Ongemak hoort bij het leven, zoals de nacht bij de dag. Als we leren dat onze binnenwereld die hele regenboog mag laten zien, hoeft ongemak niet meer als vijand bestreden te worden. Dan kan het vanzelf weer overgaan in meer gemak.
Hoe rustiger het van binnen wordt, hoe meer rust je ook buiten je gaat ervaren. Niet andersom.
In De Beweegruimte onderzoeken we dit soort thema’s samen: hoe je lijf, je zenuwstelsel en jouw “protectiesysteem” werken – en wat jij nodig hebt voor een systeem in kalme ontspanning, om weer meer Beweegruimte te voelen.
Geïnspireerd door:
Joeri Calsius – In de wachtkamer van het lichaam
The Mindful Movement – Meditaties ter bewustwording
Jan Bommerez – Leren Loslaten
John Sarno – Heel je rug en The mind body connectie
Peter Levine – De stem van je lichaam
Lorimer Moseley en David Butler – Begrijp de Pijn
Willem Pinksterboer – Daodynamica
En! Alle mensen die ik ontmoet in mijn praktijk manuele therapie. Zij stellen zich open en durven samen op onderzoek uit te gaan. Daarmee nodigen ze mij uit om het vooronderzoek te blijven doen en dus ook de diepere lagen in mijzelf opnieuw en opnieuw te verkennen en te verzachten. Veel respect en dank hiervoor.




